Spring naar inhoud

Toegankelijkheidsopties:

Kenmerk-beschrijvingen Drijverschuiten

Algemeen

Vroeger was de drijverschuit het meest bekende zeilende vissersschip van de Beneden rivieren. De drijverschuit, ook wel drijver, zalmdrijver of zalmschouw genoemd, werd eertijds vooral gebruikt voor de drijfnetvisserij op zalm. De naam zalmschouw schept nogal eens verwarring omdat het scheepstype niets gemeen heeft met de schouwen. Deze hebben een platte voor- en achterspiegel, terwijl bij de drijverschuiten het vlak in de voorspiegel geheel oploopt het achterschip spits toeloopt. Tot het einde van de vorige eeuw werden de drijverschuiten van hout gebouwd, later in ijzer/staal. De zalmschouw was vroeger het bekendste zeilende visserschip van de benedenrivieren en werd, zoals de naam doet vermoeden, vooral gebruikt voor drijfnetvisserij op zalm. Tegenwoordig is de zalmschouw voor velen een recreatievaartuig, dat vanwege zijn geringe diepgang en vele gebruiksmogelijkheden voor vele doeleinden geschikt.

Scheepstype: Zalmschouw

Inleiding

Wanneer we spreken van een zalmschouw bedoelen we eigenlijk een drijverschuit. De eerste ijzeren schepen verschenen in het begin van de 20ste eeuw.. Dit waren de 'Puttershoekers', herkenbaar aan de constructiewijze van de huidgangen. Deze waren namelijk niet over elkaar, maar tegen elkaar aan gelegd, waarna over de aldus gevormde naad een strip werd geklonken. Na de Puttershoekers kwamen de Bergenaars die in Geertruidenberg werden gebouwd. Ongeveer terzelfdertijd verschenen de boten die 'aan den Bout' werden gemaakt bij Gebroeders Van der Hoff.
De voornaamste kenmerken zijn: het opgebogen vlak in het voorschip, de rechtstandige of bijna rechtstandige achterstevenbalk, uitwaaiende onderboorden en naar binnen hellende bovenboorden. Het scheepje, dat in de meest voorkomende uitvoering 6 a 7 meter lang is, werd gebruikt bij de zegen-, fuik- en drijfwantvisserij op de Boven- en Beneden-Merwede, het Hollands Diep en de riviermonden.
Aanvankelijk had de zalmschouw geen bun; de gevangen zalm werd doodgeslagen en op de buikdenning gelegd. Later werden ze ook met bun gebouwd. Het verspreidingsgebied van deze schouw besloeg het gehele westelijke rivierengebied. Daar echter het in de eerste alinea omschreven boottype bepaalde voordelen bood voor de drijfwantvisserij, werd de originele zalmschouw bijna geheel door deze drijfschuit-met-achtersteven verdrongen. Overigens is de zalmdrijfnetvisserij thans praktisch geheel verdwenen ten gevolge van de watervervuiling der rivieren.

Het gebruik van het woord 'schouw' is uiteraard voor deze vissersboot minder juist. Het bepalend kenmerk van een schouw is immers de vlakke bodem en de platte voor- en achterspiegel. Deze kenmerken heeft het bovenomschreven scheepje niet en wanneer we nagaan hoe de talrijke variaties van dit type door de gebruikers worden genoemd, dan beschikken we spoedig over een staalkaart van namen: drijfschuit, drijverschuit, vlouwschuit, schuit en stevenschouw. Alleen in de laatste woordsamenstelling komt 'schouw ' voor, doch de toevoeging 'steven ' houdt eigenlijk een contradictie in.
Ook de aanduidingen Werkendammer boot, schokkerschouw, zalmhengst, Lekse schouw, Puttershoeker, Bergenaar, Hartjesvelder en vooral Woerkommer, komen voor.

De Tijdlijn van de Zalmschouw

Selectie van alle Ronde en Platbodemjachten in het Nederlandsch Jachtregister 1924-1925

1924-1925

Uit alle schepen die genoemd staan in het Nederlandsch Jachtregister heeft Gerard ten Cate een selectie gemaakt van alle Ronde en Platbodemjachten die er in 1924-1925 in opgenomen waren. Het is een uniek overzicht omdat het een goed beeld geeft van onze vloot in die jaren.

Meer over "Selectie van alle Ronde en Platbodemjachten in het Nederlandsch Jachtregister 1924-1925"

Type beschrijving Zalmschouw

1. Geschiedenis van de Zalmschouw

Wanneer we spreken van een zalmschouw bedoelen we eigenlijk een drijverschuit. De eerste ijzeren schepen verschenen in het begin van de 20ste eeuw.. Dit waren de 'Puttershoekers', herkenbaar aan de constructiewijze van de huidgangen. Deze waren namelijk niet over elkaar, maar tegen elkaar aan gelegd, waarna over de aldus gevormde naad een strip werd geklonken. Na de Puttershoekers kwamen de Bergenaars die in Geertruidenberg werden gebouwd. Ongeveer terzelfdertijd verschenen de boten die 'aan den Bout' werden gemaakt bij Gebroeders Van der Hoff.

2. Beschrijving van de Zalmschouw

De zalmschouw, om deze aanduiding nu maar te gebruiken, werd dus aanvankelijk van hout, later uitsluitend van ijzer gebouwd; aanvankelijk zonder, later met bun. De vorm van het slanke, vloeiende achterschip hangt samen met de eisen van de visserij voor het gemakkelijk binnenhalen van het net. De rechtstandige achtersteven was om tweeërlei redenen gewenst, ten eerste omdat bij een schuine spiegel, zoals bij de schouw, het net onder deze spiegel zou komen en men dus diep zou moeten reiken om het te pakken. Een tweede reden was het gemakkelijk aan de grond kunnen zetten van de boot. Als de visser kort onder de wal een fuik wil lichten draait hij de achtersteven naar de wal, stapt met een been buitenboord, pakt met een hand de boot onder de klapmuts (dat is de driehoekige plaat achterin tussen steven en boorden) en tilt de steven op een kei van de krib of op een perkoenpaal. Onder zitten tegen het vlak vaak twee langsscheepse ijzers, zodat de boot 's winters zo nodig als slede kan dienen.

3. Tuigage

Het tuig is altijd een spriettuig zonder giek. Van de nok van de spriet loopt een lijn, een gaarde of 'gert', naar beneden, die bij het voor de wind zeilen wordt gebruikt. De fok reikt tot achter de mast, ongeveer tot de ophanghaak van het zwaard. Boven in de fok zat soms een loden kogel, zodat de fok, als de slipsteek van de kikker was losgetrokken, snel naar beneden viel. De vissers voerden geen wimpel, die zou te snel stuk gaan bij het vele maststrijken. Zowel de zwaarden als het roer worden scheep gehaald wanneer het net wordt binnengehaald. De zwaarden hangen gewoonlijk met een oogbout om een haak op het opboeisel. De schuurlijst dient als strijkklamp. Voor het makkelijk binnenhalen van het roer zit daarin ongeveer halverwege een opening, die als handgreep dienst doet. De zalmschouw heeft de reputatie van grote zeewaardigheid. Dit was voor de vissers uiteraard een vereiste, omdat zij zich niet konden permitteren om voor een buitje binnen te blijven. Het zeiloppervlak is aan de kleine kant en bij gebruik als jacht kan een groter zeil worden gevoerd. Dan is het echter gewenst de lage achterboorden wat op te boeien, omdat bij harde wind een zalmschouw anders over deze boorden licht zou vollopen.

Kenmerken van de Zalmschouw

  1. De Zalmschouw als werkschip
  2. De Zalmschouw als jacht
  3. Algemene kenmerken
  4. Kenmerkende verhoudingen
  5. Verklaring in tekening

6. Subtypen, specifieke kenmerken

​Een overzicht van de verschillende benamingen voor 'zalmschouw' en van het verspreidingsgebied der betreffende typen

Publicaties over de Zalmschouw in het Stamboekarchief

De Waterkampioen 1941: Een merkwaardig vaartuig in Loosdrecht

Zoo zag ik een zalmschouw in den „Waterkampioen" van 9 dezer betiteld. Inderdaad is dit scheepje door haar tuigage, haar vormen en haar huik een merkwaardig vaartuig. De zalmschouw komt voor op de beneden rivieren, zooals de Oude Maas, Merwede, Bergsche Maas en Hollandsch Diep. De naam duidt reeds aan, dat deze schepen gebruikt worden voor de zalmvisscherij. De afmetingen van het schip zijn: lengte ca. 6 m en breedte ca. 1.8o m, terwijl de diepgang ca. 3o cm be-draagt. Als tuigage voeren zij een fok en een sprietzeil. Opmerkelijk is dat de mast voorover strijkt en dat hij geen wanten bezit.
Het is een platbodemvaartuig met een kleine bun. De voorsteven lijkt op die van de Beyerlandsche schouw, maar geheel verschillend met al de overige schouwen is de verticale achtersteven. De huik, die vast op het boeisel van het voorschip is bevestigd, wordt bij het roeien of zeilen neergeslagen. Bij het visschen dient hij als schuilplaats tegen den kouden nachtwind. Gedurende de lange uren, die de visschers daar 's nachts onder verblijven, wachtend tot er een zalmpje in hun net zwemt, warmen zij zich bij het kacheltje, dat zich ook onder de huik bevindt. Een enkele maal wordt hun geduld wel eens beloond met de vangst van een steur.
De scheepjes worden de laatste jaren vrijwel uitsluitend van ijzer gebouwd. Het zijn bijzonder goede zeilvaartuigen, maar ook als roeivaartuig voldoen zij goed. Dat men deze vaartuigen niet meer als jacht gebruikt is te verwonderen, daar zij vooral op ruw water, zooals het Hollandsch Diep en het Haringvliet, zeer vertrouwd zijn.
Utrecht, R. van Reedt Dortland

De Waterkampioen maart 1966 nr1171 - Schepenschouw De Zalmschouw

De Zalmschouw is één van de vele Nederlandse op een speciaal gebruik toegespitste typen van vaartuigen. In dit geval op de visserij op onze benedenrivieren en wel in het bijzonder op die van de zalm. Deze werd uitgeoefend met een drijfnet, en kwam in onze jongensjaren - dat is voor 1935 - nog voor. Deze visserij dan, geschiedde met een drijfnet, dat dwars in de rivier werd uitgezet, waarna net en boot met de stroom afdreven en zodoende een goede kans maakten de tegen stroom rivieropwaarts zwemmende zalm te bemachtigen. Aan het einde van de drijfpartij werd dan het net met de buit over het achterschip binnengehaald. Dit is daaraan volledig aan gepast. Het is laag en zonder uitsteeksels, waaraan een net kan blijven hangen en eindigt in een verticaal of vrijwel verticaal staande achtersteven, waaronder een net zou kunnen schuil gaan. Op grond van dezelfde overwegingen heeft de zalmschouw losse zwaarden, die binnenboord gehaald kunnen worden. Het roer, dat diep onder de romp uitsteekt, kan eveneens scheepgehaald worden. De in langsrichting gebogen platte bodem van de romp loopt voor geheel door tot aan de bovenkant van het boeisel, zoals bij een aak. Ter versiering of ter bescherming is een voorsteven aangebracht. De zalmschouw is een open boot. Wij hebben deze merkwaardige vaartuigjes alleen nog maar van staal gekend. De tuigage bestond uit een steekmast met sprietzeil en fok, van welke laatste de hals zich op de voorsteven bevond. Veel doek voert een zalmschouw niet - kan hij niet voeren, daar wegens het lage vrijboord het water bij enige helling al binnenboord zou komen. De meeste zalmschouwen waren ongeveer 6 meter lang bij een breedte van circa 2 meter.

Hoewel het type niet bijzonder geschikt lijkt om als jacht te worden gebruikt telt onze pleziervloot toch enkele zalmschouwjachten. Deze zijn soms van aanmerkelijk grotere afmetingen dan hierboven genoemd, tot wel 9 meter lengte over alles, en zij zijn dan veelal van een tjottertuig voorzien

Spiegel der Zeilvaart december 1985 nummer 10 - De zalmschouw

De zalmschouw zoals wij die nu kennen is waarschijnlijk in de vorige eeuw ontstaan langs de benedenrivieren. Zoals het ieder goed schip betaamt is ze vroeger in hout gebouwd en rond de eeuwwisseling van ijzer. Met de schouw, met voorbord en achterspiegel, heeft het scheepje niets te maken. De zalmschouw heeft een opgebogen vlak in het voorschip en heeft achter een bijna rechtstandig stevenbalkje.

De zalmschouw moest aan veel eisen voldoen; vissen, roeien, zeilen en als het nodig was moest je er ook in kunnen slapen. Ook het vaarwater stelde een belangrijke eis, namelijk „zeewaardigheid" en dat is de zalmschouw. De visser kon zich vroeger niet permitteren met slecht weer thuis te blijven. Op de benedenrivieren kan het aardig spoken al is het geen zee, de combinatie van stroom en wind kan voor aardige golven zorgen.
De zalmschouw wordt ook wel drijf- of drijversschuit genoemd. Er zijn verschillende soorten zalmschouwen, aangepast aan de verschillende vistechnieken waarvoor ze gebruikt werden.

Drijverschuiten - Arie vd Ree en Rhett Eekels

Er werden scheepsbouwers, scheepstimmerlieden en vissers geïnterviewd. Toch bleven er nog vragen onbeantwoord waarop misschien wel nooit meer een antwoord te vinden is. Om de inhoud zo degelijk mogelijk te onderbouwen is er gekozen voor een beperkte periode waarover relatief gezien het meest bekend is en voor één type zalmschouw, namelijk de drijverschuit waarmee de drijfnetvisserij op de rivier werd uitgeoefend. De bouwperiode die in dit boek wordt beschreven ligt tussen 2 augustus 1899 en 3 januari 1903. Dit is de tijd waarin er bij de werf Van der Hoff in de smederij een smid werkte die Willem de Keijzer heette. Door het achterlaten van zijn smidsmerk in de mastklink maakte hij het mogelijk om een aantal schuiten te dateren als zijnde afkomstig uit de bovengenoemde periode. De DRI19, HD20, WOU19, WOU59, WKD1, WM15 en de WM4 stammen uit deze periode waarbij de WM4 als zegenboot buiten het kader van dit boek valt. Door het boek te beperken tot de periode “Willem de Keijzer” wordt het mogelijk om een vergelijking te maken met schuiten uit eerdere of latere perioden. Dit boek is dan ook geenszins beperkt en kan voor elke zalmschouwschipper, restaurateur of liefhebber een bron van kennis en inspiratie zijn. De meer dan honderd tekeningen zijn met veel zorg en aandacht gemaakt. Samen met de vele oude en nieuwe foto’s vormen zij een onmisbare aanvulling op de tekst die vaak diep ingaat op het onderwerp en geen vraag onbeantwoord probeert te laten.

Boek Drijverschuiten

De werf Van der Hoff was zeer behoudend in het aanbrengen van veranderingen, in een tijdsbestek van 38 jaar ijzer- en staalbouw is steeds eenzelfde maatvoering te zien. Uit onder andere het smidswerk van de vier verschillende smeden die op de werf werkten, komt dit duidelijk naar voren. Heel veel details zijn dan ook terug te vinden op schuiten die eerder of later gebouwd zijn. Mede hierdoor is het boek veel breder georiënteerd dan men zou verwachten. “ Drijverschuiten uit de periode van Willem de Keijzer” is dan ook een ode aan de bouwers en hun vakmanschap. Zij hebben de vissers van toen een stuk gereedschap in handen gegeven, waarmee velen hun gezin van eten hebben voorzien. Dat er nu met een romantische blik naar gekeken wordt, verandert daar niets aan.
De tekst van dit boek is van de hand van Arie van der Ree die samen met Theo Hoogmoed veel eigen onderzoek deed en alle onderwerpen onvermoeibaar doorploegde. De hoofdstukken over smeden zijn van de hand van Rhett Eikels die door zijn vakmanschap als ambachtelijk smid een grote bijdrage leverde aan de tekst van het gehele boek. Even van Reijswoud verzorgde de structuur. de layout en de tekeningen. In de maandelijkse vergaderingen werden alle teksten en afbeeldingen uitgebreid tegen het licht gehouden door het gehele team. Zo ontstond dit boek in een tijdsbestek van zes jaar.


Houten Zalmschouw gebouwd naar een tekening van W.K. Versteeg - Arie vd Ree en Peter Schouten

"Bestaat er nog een oude houten zalmschouw"? Die vraag kan kort en krachtig beantwoord worden met "Nee". Ook tijdens opgravingen is er tot nu toe niet een gevonden. Dat is jammer voor ons als schepen liefhebbers. De meeste kennis die er is over zalmschouwen dateert ongeveer vanaf 1890. Dit is de begintijd van het klinken van ijzeren schuiten. Voor die tijd werden zalmschouwen in hout gebouwd.
Het verspreidingsgebied rond de grote rivieren was ook niet zo groot. De ontwikkeling van deze houten schuiten is vermoedelijk pas in de eerste helft van de negentiende eeuw begonnen. In deze korte periode zullen er dan ook niet veel in hout gebouwd zijn. Helaas kunnen we geen aantallen aangeven. Dat wil niet zeggen dat er helemaal niets te vinden is. In dit boek hebben we alles, wat bekend is tot nu toe van deze vissersschuiten, verzameld. Uiteindelijk hebben de verzamelde gegevens er mede toe geleid dat er een houten zalmschouw gebouwd is. Dit boek is dan ook gelijk een verslag van de bouwactiviteiten.
Als leidraad is de tekening van W.K. Versteeg gebruikt.

Boek Houten Zalmschouw gebouwd naar een tekening van W.K. Versteeg

Al jaren loopt Peter Schouten met het idee rond om een houten zalmschouw te bouwen. In 2020 begint het idee wat vastere vorm te krijgen. Schouten is inmiddels al aardig bekend met dit scheepstype. Diverse onderdelen zoals roeren, zwaarden, masten en riemen heeft hij gemaakt voor diverse zalmschouwen. Na met mensen uit de zalmschouw-wereld te hebben gesproken over het bouwen van een houten exemplaar, kwam er wat meer historische informatie vrij. De foto's, tekeningen en informatie zijn verzameld door Arie van der Ree.
De eerste vraag die boven kwam drijven was, "wat voor type zalmschouw moet het worden". Alle nog bestaande historische zalmschouwen zijn gemaakt van ijzer of staal. Van de houten exemplaren is geen enkele schuit over gebleven.
De volgende vraag was "zijn er tekeningen van houten zalmschouwen"? Er worden in musea tekeningen gevonden en worden diverse houten scheepsmodellen bekeken die bewaard zijn gebleven. Uiteindelijk is door Peter Schouten besloten om de tekening van W K Versteeg als voorbeeld te gebruiken. Daarvan is een nieuwe tekening gemaakt en zijn er wat aanpassingen in aangebracht. Gevonden foto's van oude houten zalmschouwen worden gebruikt om details in de tekening te verbeteren. 

Lang geleden is mijn interesse in de zalmschouw gewekt. Tijdens een vaarvakantie naar Zeeland was er een toevallige ontmoeting in Gorinchem met een aantal zalmschouwen, waaronder die van Rhett Eekels. De eenvoud en doelmatigheid van deze schuiten sprak mij zeer aan. Het niet langer hoeven knoeien met losse dekzeiltjes maar het hebben van een droge slaapplek onder de vaste huik, maakte deze boten bijzonder.

De interesse in het visserij verleden en deze schuiten, aangewakkerd door boeken als Hardinxveld en Riviervisser' (de Jong), 'Rivieren, boten en vissers' (Verhagen) en later het boek Drijverschuiten' (v.d. Ree, Eekels, Hoogmoed, Reijswoud), is alleen maar toegenomen. Een grote informatiebron, naast het maritiem museum Rotterdam, was het boek Drijverschuiten'.

Tijdens de vernieuwbouw van de steekhengst Boreas' zag ik steeds meer overeenkomsten in met name het achterschip, wat niet zo gek is gezien het visserij verleden van deze beide schepen. Daarna groeide steeds meer het verlangen een houten zalmschouw te bouwen en in 2021 is hier dan toch een begin mee gemaakt. Hier volgt een beknotte beschrijving van de bouw.
Als leidraad is er een tekening van Versteeg uit 1951 en twee oude handgeschreven bestekken gebruikt, door Arie van der Ree aangeleverd. Doordat hij regelmatig de bouw van de Boreas bezocht leerden we elkaar beter kennen. Tijdens een bezoek bij hem thuis hebben we honderden foto's bekeken en besproken. Naar aanleiding hiervan heeft Arie alle foto's die hij in bezit heeft van houten zalmschouwen, in een map voor mij gebundeld. Met deze gegevens heb ik een halfmodel gemaakt en daarna een nieuwe tekening met de nodige aanpassingen.
Peter Schouten heeft het visserijregistratie teken van Brielle gebruikt als naam en het jaar van de tewaterlating er aan toegevoegd: BI23


Zalmschouwen in beeld

De Zalmschouw HD43 gebouwd door Gebr. Van 't Hof "in den Bout" Hardinxveld in 1912 (plaq 1018)

Bronnen

De bronnen die zijn gebruikt bij het beschrijven van de Zalmschouw

Titel Auteur Uitgever Jaartal
       

Algemene bronnen met informatie over het scheepstype Zalmschouw

Titel Auteur Uitgever Jaar
       

De drijverschuit, ook wel drijver, zalmdrijver of zalmschouw genoemd, werd eertijds vooral gebruikt voor de drijfnetvisserij op zalm.