Scheepstype: Waalschokker
Inleiding
In 1911 werd in Nijmegen de eerste stalen schokker gebouwd op een werf aan het Meertje voor de ankerkuilvisserij op de rivieren. Het schip had de afmetingen van een Volendammer kwak, maar vertoonde al enige afwijkingen qua vorm. Zo viel het bovenboord voor niet naar binnen, maar waaierde met het onderboord mee uit. De plecht liep verder naar achteren door de lijn van de bergplaat en kwam vlakker te liggen. Deze schokker had aan bakboord nog geen roef (zoals later veelal het geval zou zijn) en was geheel open. Aan stuurboord en achter de bun lag een houten stelling ter hoogte van de buntrog. De schokkervissers noemden zo'n houten stelling een brug. Later, toen die stelling van staal was, noemde men dat het dek. Op deze schokker zat aan het achterste bunschot nog een oog geklonken voor bevestiging van een zeilschoot.
De vissers wilden een stalen schip dat niet veel mocht kosten. Vandaar dat men bij de bouw op de constructie ging besparen door op heve te bouwen in plaats op steven. Ook veranderde er iets aan de plaats en de strijkinrichting van de mast. Steeds vaker werden stalen achterdekken geplaatst ter hoogte van de bunkoker. De roef aan bakboord was aanvankelijk van hout maar werd later ook van staal gemaakt. De laatste schokker, die door de zonen van Eltink in 1937 is gebouwd, heeft al deze nieuwe kenmerken.
De Tijdlijn van de Waalschokker
Selectie van alle Ronde en Platbodemjachten in het Nederlandsch Jachtregister 1924-1925
1924-1925
Uit alle schepen die genoemd staan in het Nederlandsch Jachtregister heeft Gerard ten Cate een selectie gemaakt van alle Ronde en Platbodemjachten die er in 1924-1925 in opgenomen waren. Het is een uniek overzicht omdat het een goed beeld geeft van onze vloot in die jaren.


Type beschrijving Waalschokker
- Geschiedenis van de Waalschokker
- Beschrijving van de Waalschokker
- Tuigage
Kenmerken van de Waalschokker
- De Waalschokker als werkschip
- De Waalschokker als jacht
- Algemene kenmerken
- Kenmerkende verhoudingen
- Verklaring in tekening